De favorieten van Lizzy Vliegenthart

by

Het Lief Dagboek bestaat 3 jaar en om dat te vieren blikken we terug op al het moois wat we gedaan hebben. Iedere schrijver heeft voor de gelegenheid 2 favoriete columns gekozen, een van de schrijver zelf en een van een andere schrijver. De favorieten van Lizzy Vliegenthart: ‘Liefs uit Berlijn’ en ‘Een liefdesbrief aan alles wat je niet meer bent (maar hopelijk snel weer wordt)’ door Jesse Vos.


Liefs uit Berlijn: “Ik raak verwikkeld in een langdurige affaire met de Fernsehturm op het Alexanderplein”

De stad valt als een warme deken om me heen. Je zou kunnen zeggen dat ik afgelopen zomer ‘zomaar’ naar Berlijn verhuisde en ergens is dat ook wel zo. Aan de andere kant was het in mijn hoofd volkomen logisch dat ik hier zou blijven.

De meeste mensen gaan op vakantie en komen daarna weer terug. Ik niet, maar ik heb me dan ook nooit actief onderdeel gevoeld van ‘de meeste mensen’.

De mensen die me het beste kennen, zijn dan ook niet heel erg onder de indruk. Verder veroorzaakt het veel verwarring. Veel mensen dachten de eerste weken dat ik een grapje maakte. Er zijn mensen die denken dat ik voor de liefde ben verhuisd, maar misschien liet ik de liefde juist wel achter in Nederland, wie zal het zeggen.

De eerste weken ben ik vooral smerig verliefd op de stad. Je kent het wel; je kent elkaar net en alles, elke aanraking, elke nieuwe ontdekking is spannend, extatisch.

Ik raak verwikkeld in een langdurige affaire met de Fernsehturm op het Alexanderplein. Vanuit elke plek in de stad kijkt de toren me na en ik kan mezelf zelfs wijsmaken dat de toren af en toe goedkeurend naar me knikt bij de dingen die ik doe. Zelfs als ik op mijn fietsje een ride of shame maak in de vroege ochtend glimlacht de toren mijn kant op.

Het werkt geruststellend en dat is nodig, want het is heus niet altijd simpel om zo ineens te emigreren. In de eerste weken loop ik tegen een muur van bureaucratie aan. (Nu weet ik ook wel dat ze hier historisch gezien de nodige ervaring hebben met muren, maar toch).

Het probleem is als volgt: je hebt hier een registratie nodig om een baan te krijgen, maar om een baan te krijgen heb je een plek nodig om te wonen met registratie.

Dit is een helse circkel waar ik een tijd lang wakker van lig, maar waar ik ook weer doorheen kom. Ik vind een baan als chef de partie in een restaurant en ik mag op kosten van de zaak in een hotel wonen met Anmeldung.

De rest gaat als vanzelf.

Op de een of andere manier gebeuren dingen in Berlijn gewoon voor me. Het loopt, het gaat, het past.

De zomer is nu echt voorbij, maar de herfstkleuren staan de stad prachtig. Ik ben er nog steeds, en ik blijf ook nog wel even.

Ergens in de eerste weken schreef ik een klein gedichtje in het Duits. Ik weet niet of het helemaal correct is, maar ik denk ook dat ik iets te gelukkig ben om me daar druk over te maken:

die stadt, 

sie liebt mich auch
ich fühle es überall
die stadt,
sie lebt mich auch
Door Lizzy Vliegenthart

Een liefdesbrief aan alles wat je niet meer bent (maar hopelijk snel weer wordt):
“Die versie van jou waar de lust vanaf spat, waar de regels veranderen”

Dag lief,

Hoe gaat het met je? Ik heb het gevoel dat je niet zo lekker in je vel zit. De keren dat ik je de afgelopen tijd heb gezien lijk je eigenlijk maar een slap aftreksel van jezelf. Je warme drukkende, plakkerige hitte is er wel, maar ik voel hem niet, snap je? Je voelt als een lege huls, als een zielloos stuk jaar. Soms denk ik je oude, vertrouwde zelf even waar te nemen. Die versie van jou waar de lust vanaf spat, waar de regels veranderen, waar alles wat niet kan gebeurd. Het zijn haast magische momenten, maar ze zetten maar niet door. Het is oké. Jij kunt er ook niets aan doen, hè.

Ik mis je gewoon enorm. Ik mis hoe we jouw avonden, al zwetend in de club onder invloed van snoeiharde techno, oneindig lang rekken. Ik mis jouw ​vakantievriendjes maken voor volwassenen​ in de kroeg dat eindigt in stomende seks op de te warme slaapkamer van iemand die je pas een paar uur kent. Ik mis de croissants in het park de ochtend nadien. Ik mis de festivals met je, zelfs het zeulen met tenten en tassen gevuld met genoeg kleding voor drie weken. Ik mis het flaneren met mijn schoenen in jouw modder. Ik mis je typische geur van schraal bier en ongewassen lijven.

Ik probeer je terugkomst haast krampachtig op te wekken. Avond na avond steek ik met ontbloot bovenlijf de barbecue aan. Meer dan eens spring ik naakt het kanaal in. Ik drink op de terrassen meer alcoholvrij bier dan mijn bank eigenlijk verantwoord vindt. Onlangs organiseerden we een vakantiedag op een terras, compleet met animatieteam en overdadige hoeveelheid stokbrood. Alles om je maar weer even écht te voelen. En jij wilde ook wel, dat merkten we, maar je kon het gewoon even niet. Ik zou van totale gekkigheid ook niet meer weten wat ik verder nog kan doen om op een verantwoorde manier dichter bij je te komen. Meer muziek van Nick & Simon draaien? Dromen over opgeblazen bushokjes? Recensies schrijven over concerten die niet doorgaan? Meer tinderen? Alles wat ik kan bedenken slaat helemaal nergens op.

Ik begrijp heel goed waarom je nu bent hoe je bent, maar ik hoop je je gauw weer een beetje de oude voelt. En tot die tijd zal ik van je houden, in welke vorm je dan ook verkeerd.

Tot dan, lieve zomer. x

Door Jesse Vos.

No tags 0 Comments 0

No Comments Yet.

What do you think?

Your email address will not be published. Required fields are marked *