A new year, a new me: “Waar ik een lichaam heb dat niet altijd functioneert, heeft mijn vriend complexe PTSS”

by

Het nieuwe jaar. Een uitgelegen kans voor goede voornemens, die je overigens een maand later toch al weer hebt laten varen. Het moment waarop de gymtijgers enthousiast een jaar abonnement afsluiten (beetje jammer van die lockdown), mening persoon vol goede moed aan dieet 865 begint (laat dat buikje nou lekker zitten) of zich voorneemt minder te gaan drinken (nou ja, dat ene glas kan nog wel, toch?). Nou mensen, mijn vriend besloot het nog net iets rigoureuzer aan te pakken en de slogan A new year, a new me wel heel letterlijk te nemen. 

Waar ik een lichaam heb dat niet altijd functioneert (lees: auto-immuunziekte), heeft mijn vriend complexe PTSS (Mooi stel hè, alsof we het er op uit gezocht hebben). Hij zou per 3 januari intern in therapie gaan voor 2 weken en hierna begeleiding krijgen van een psycholoog. Niet iets wat je zomaar even snel overweegt. Want mensen, als je zelf PTSS hebt of iemand kent de het heeft dan weet je dat dit echt geen gemakkelijke en zelfs dappere keuze is. Tijdens deze therapie halen ze alles, maar dan ook alles, weer naar boven en word je de meest kwetsbare versie van jezelf. Dus Frank, ik ben ontzettend trots op je en je kan het (dit is ook gericht aan iedereen die hier mee moet dealen maar ook aan de mensen die er nog even niet aan toe zijn). Kort samengevat, het is nogal wat. 

Fast forward skip ik even naar 3 januari. Judgement day. Lichtelijk zenuwachtig stap ik in de auto. Wat moet ik verwachten, hoe is Frank er straks aan toe, hoe zijn de therapeuten? Tuurlijk heb ik de brochures gelezen, maar toch blijft het lastig. Om over Frank dan maar te zwijgen, veel loslaten doet hij niet maar alles aan zijn lichaamstaal wijst op zenuwen. Al grappend rijden we naar Boxmeer, een kleine rit van iets meer dan een uur. Beide mijden we bijna angstvallig het onderwerp therapie, er te veel over praten veroorzaakt alleen maar meer zenuwen, dus in plaats daarvan zing ik mee met de muziek. Uit mijn ooghoek zie ik mijn vriend driftig typen op zijn telefoon en besluit dan toch maar mijn mond te houden na een resoluut gebaar van zijn kant dat het te veel prikkels geeft. ‘Sorry schat, niet gemeen bedoelt maar het was even te veel.’ Bijna zou ik willen stoppen en hem een knuffel geven. Dramatisch, weet ik. Echter ben ik soms ook nogal dramatisch aangelegd (en dat mensen, heet zelfkennis) dus rijd ik maar door. In Boxmeer aangekomen slaat mijn nieuwsgierigheid al snel om in enthousiasme. ‘Kijk dat klooster! Wat een gave en mooie locatie, net of je in Harry Potter zit! Frank kijkt me even weifelend aan. ‘Vind het meer wat voor een cult. Even, één woord over “het ware geloof” of “Jezus” en ik ben weg. Neem dat maar van me aan.’ ‘Geef me een code woord dan.’ Lang nadenken is niet nodig. ‘Ik wil géén VOX, dan weet je sowieso dat er iets fout is.’ (Voor de muzikanten die dit lezen, zijn droomgitaar is een oude VOX, hint hint.) 

Eenmaal binnen verwacht ons een warm welkom en raak ik er nog meer van overtuigd dat het goed moet komen. Nog wat formulieren invullen en koffers naar de kamer brengen. Dan wacht ons alleen nog een gezamenlijke lunch. ‘Jongen je gaat gewoon op hotel! Kijk die kamer dan. Zit ik zielig thuis.’ ‘Wil je ruilen dan?’. In mezelf lachend maak ik een filmpje van de hele kamer en stuur die vol trots door in de familie app, inclusief ongemakkelijke camera hoek. Aangezien mijn ouders dit altijd zo trouw doen als ze op vakantie gaan, is het nu onze beurt. 

Tijdens de lunch grappen we nog een beetje dat wij nu zo’n beetje de enige mensen in het land moeten zijn die uit eten kunnen, wat een luxe is het toch. Ondertussen tikt de tijd door en lichtelijk zenuwachtig kijk ik steeds naar mijn telefoon. Mezelf vervloekend betrap ik mezelf erop dat ik aftel, 30 minuten, 23 minuten, 14 minuten… etc. Shit, de tijd verstrekt veel sneller dan dat ik wil. Na het eten wacht er nog een uitleg op ons en dan is het tijd voor het afscheidt. 

Om half 2 is het zo ver en eigenlijk weet ik mezelf niet zo goed een houding te geven. Ik wil Frank het liefst naar me toe trekken, houd me in en besluit het bij een korte knuffel te houden. ‘Schatje ik geloof dat jij er nog meer moeite mee heb dan ik, ik moet hier gaan zitten, jij niet!’ Knipogend krijg ik nog een knuffel. ‘I know, het is gewoon raar, snap je.’ Instemmend knikt hij. Samen lopen we naar buiten en bij de auto volgt de laatste zoen. In de veronderstelling dat Frank al lang naar binnen is ga ik eerst op het gemak appjes lopen beantwoorden. Wat volgt is een halve hartverzakking omdat de deur plots open getrokken wordt en een hoofd vol krullen me ondeugend aankijkt. ‘Ja zeg, ga je nog. Hoe lang moet dat afscheid duren.’ ‘Gek! Ik dacht dat je al binnen was! Ga gewoon!’ Wat volgt is een Elke die maar snel de auto start en richting de poort rijdt waarlangs we nog geen 2 uur daarvoor samen aankwamen en waar ik nu alleen door moet. Bijna symbolisch wordt David Bowie met Changes aangekondigd wanneer ik de snelweg op wil draaien en als een soort teken bevestigd het wat ik al wist, dit was de juiste keuze. 

 

No tags 0 Comments 0

No Comments Yet.

What do you think?

Your email address will not be published. Required fields are marked *